Uitspraak
RECHTBANK AMSTERDAM
1.Het onderzoek ter terechtzitting
2.Tenlastelegging
Primairhij op of omstreeks 10 augustus 2019 te Haarlem, in elk geval in Nederland, tezamen en in vereniging met een of meer anderen, althans alleen, uit een woning gelegen aan de [adres 3] , geld en/of goed(eren), in elk geval enig geldbedrag en/of goed, dat geheel of ten dele aan een ander dan aan verdachte en/of zijn mededader(s) toebehoorde, te weten aan [persoon 3] , heeft weggenomen met het oogmerk om het zich wederrechtelijk toe te eigenen, terwijl verdachte en/of zijn mededader(s) zich de toegang tot de plaats van het misdrijf heeft/hebben verschaft en/of dat/die weg te nemen geld en/of goed(eren) onder zijn/hun bereik heeft/hebben gebracht door middel van braak en/of verbreking en/of insluiping;
3.Waardering van het bewijs
voltooidewoninginbraak. Hij heeft hiertoe aangevoerd dat er geen bewijsmiddel is waaruit kan worden afgeleid dat er goederen en/of geld uit de woning zijn weggenomen. Daarnaast is de raadsman van oordeel dat niet bewezen kan worden dat verdachte zich schuldig heeft gemaakt aan heling. Ten aanzien van de onder 1 subsidiair ten laste gelegde poging tot inbraak heeft de raadsman zich gerefereerd aan het oordeel van de rechtbank.
bijlagegebezigde bewijsmiddelen.
4.Bewezenverklaring
5.De strafbaarheid van de feiten
6.De strafbaarheid van verdachte
7.Motivering van de straf
8.Ten aanzien van de benadeelde partij en de schadevergoedingsmaatregel
- € 500, - aan niet door de verzekering vergoedde kosten voor het vervangen van de voordeur, het slot en de deurpost;
- € 50, - aan niet door de verzekering vergoedde reis- en campingkosten.
9.Tenuitvoerlegging voorwaardelijke veroordeling
10.Toepasselijke wettelijke voorschriften
11.Beslissing
[verdachte], daarvoor strafbaar.
315 (driehonderdenvijftien) dagen.
270 (tweehonderdenzeventig) dagen, van deze gevangenisstraf
nietzal worden ten uitvoer gelegd, tenzij later anders wordt gelast.
2 (twee) jarenvast.
- [...]
- [...]
- [...]
- [...]
- [...]
- [...]