ECLI:NL:RBAMS:2019:9549
Rechtbank Amsterdam
- Eerste aanleg - meervoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing schadevergoeding voor kosten huisvesting dieren in afwachting CITES-uitvoervergunning
Eiser heeft meerdere aanvragen ingediend voor CITES-uitvoervergunningen voor diverse diersoorten met het doel deze naar Japan te exporteren. Na aanvankelijke afwijzing van deze aanvragen door verweerder vanwege onvoldoende bewijs van legale herkomst, zijn de bezwaren van eiser gegrond verklaard en zijn de vergunningen uiteindelijk verleend.
Eiser heeft gedurende de procedure verzoeken ingediend tot schadevergoeding voor kosten die hij heeft gemaakt voor de huisvesting en verzorging van de dieren in afwachting van de vergunningen. Hij baseerde zijn verzoek op een indicatieve kostenlijst die geldt voor dieren die middels bestuursdwang in bewaring worden gesteld.
Verweerder heeft dit verzoek afgewezen omdat de indicatieve kostenlijst niet toepasbaar is op de situatie van eiser, en omdat eiser de daadwerkelijke gemaakte kosten niet heeft gespecificeerd of onderbouwd, ondanks daartoe uitdrukkelijk te zijn verzocht.
De rechtbank oordeelt dat eiser onvoldoende heeft aangetoond welke schade hij heeft geleden en wijst daarom het verzoek om schadevergoeding af. De beroepen worden niet-ontvankelijk verklaard omdat de vergunningen zijn verleend en het procesbelang is komen te vervallen. Verweerder wordt opgedragen het betaalde griffierecht aan eiser te vergoeden.
Uitkomst: De beroepen worden niet-ontvankelijk verklaard en het verzoek om schadevergoeding afgewezen wegens onvoldoende onderbouwing.