Uitspraak
RECHTBANK AMSTERDAM
uitspraak van de enkelvoudige kamer in de zaak tussen
[eiser] , te [plaatsnaam] , eiser (hierna: [eiser] )
Procesverloop
[eiser] op grond van de Algemene Ouderdomswet (AOW) met ingang van
1 januari 2019 gewijzigd van een pensioen voor gehuwden naar een pensioen voor alleenstaanden.
[eiser] ongegrond verklaard.
Overwegingen
“De heer [eiser] is van mening dat hij vanaf augustus 2018 onveranderd in aanmerking dient te worden gebracht voor een AIO-aanvulling ad 70% van het WML. Op grond van artikel 47c lid 1 PW dient de SVB de algemene bijstand als aanvullende inkomensvoorziening ouderen en de daaraan verbonden verplichtingen af te stemmen op de omstandigheden, mogelijkheden en middelen van de belanghebbende. De heer [eiser] leeft als alleenstaande in Nederland en zijn echtgenote, die in Marokko woont, kan niet in de kosten bijdragen. De 50% norm ligt onder het bestaansminimum en is in strijd met het internationale recht.” De Svb heeft het bezwaar van [eiser] tegen de verlaging van de AIO-aanvulling ongegrond verklaard. [eiser] is hiertegen in beroep gegaan bij deze rechtbank.
“Uit betreffende stukken blijkt dat de heer [eiser] al zeer lange tijd niet (bij zijn echtgenote) in Marokko is geweest. De heer [eiser] is in 2005 door de familie van zijn echtgenote mishandeld en heeft nadien geen enkel contact meer met zijn echtgenote en kinderen in Marokko. Hieruit volgt dat de heer [eiser] als alleenstaande leeft. De echtgenoten leven ieder afzonderlijk hun eigen leven als ware zij niet met de ander gehuwd. Dit is door de wil van één of beide echtgenoten geschied en de toestand is door een of beide echtgenoten als bestendig bedoeld.”
Beslissing
mr. I.N. van Soest, griffier
.De beslissing is in het openbaar uitgesproken op