ECLI:NL:RBAMS:2021:1642
Rechtbank Amsterdam
- Beschikking
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek schadevergoeding na Halt-afdoening wegens openlijk geweld
Verzoeker, een minderjarige, werd op 10 oktober 2020 aangehouden en in verzekering gesteld op verdenking van openlijk geweld met vernieling. De zaak eindigde op 11 februari 2021 met een Halt-afdoening. Verzoeker vroeg vergoeding van schade door ondergane verzekering en kosten van rechtsbijstand.
De rechtbank overwoog dat een Halt-afdoening een punitieve, door verzoeker aanvaarde reactie is en geen sepot. Hoewel de raadsman stelde dat jurisprudentie een Halt-afdoening gelijkstelt aan een politiesepot en dat er billijkheidsoverwegingen zijn, oordeelde de rechtbank anders.
Er zijn geen bijzondere omstandigheden die een vergoeding rechtvaardigen. De brief van het Openbaar Ministerie aan het slachtoffer en de telefonische mededeling aan de raadsman zijn onvoldoende om billijkheid te doen gelden. Daarom wijst de rechtbank het verzoek tot vergoeding van €2.390,91 af.
Tegen deze beschikking staat hoger beroep open.
Uitkomst: Het verzoek tot schadevergoeding en kostenvergoeding wordt afgewezen wegens het ontbreken van gronden van billijkheid na een Halt-afdoening.