Uitspraak
RECHTBANK AMSTERDAM
1.De procedure
- de dagvaarding van 28 juni 2021,
- de conclusie van antwoord tevens houdende eis in reconventie,
- het tussenvonnis van 19 januari 2022,
- het proces-verbaal van mondelinge behandeling van 9 juni 2022 en de daarin genoemde processtukken, waaronder de conclusie van antwoord in reconventie,
- de brief van 27 juni 2022 van de zijde van Zicob met een opmerking over het proces-verbaal.
2.De feiten
- Dat de kansenkaart behorende bij de nota “Regionale Hotelstrategie Amsterdam 2016-2022” de gebieden aangeeft waar de stadsregio-gemeenten vanuit het perspectief van ruimtelijke ontwikkeling aangeeft waar de stadsregio-gemeenten vanuit het perspectief van ruimtelijke ontwikkeling, functiemix, en het positieve economische effect een hotelontwikkeling wenselijk te achten;
- Dat de Middenweg waar de woningen zijn gelegen, niet in één van deze gebieden ligt, die zijn aangewezen op de kansenkaart;
- Dat de Middenweg is gelegen in de Watergraafsmeer. Dit is geen woonbuurt waarop toeristen die Amsterdam bezoeken zich richten;
- Dat een hotel aan de Middenweg in tegenstelling tot short-stay niet direct voor de hand liggend is;
- Dat met de vestiging van een hotel op deze plek de doelstellingen van het hotelbeleid niet, of slechts in beperkte mate zijn gediend;
- Dat de woningen worden nu gebruikt als langer durend verblijf (short stay). Op termijn, nadat de short stay vergunning eindigt vloeien de woningen weer terug aan de marktvoorraad.”
Prijs van een vierpersoonskamer is gemiddeld ca. 50% tot 60% hoger dan een tweepersoonskamer (binnen hetzelfde hotel).
Prijs van een zespersoonskamer is gemiddeld ca. 80% tot 100% hoger dan een tweepersoonskamer.
Voor de relatie oppervlakte – prijs geldt een factor van circa 45% ten opzicht van een standaardkamer. Dit betekent dat een kamer die 100% groter is dan een standaardkamer gemiddeld een circa 45% hogere kamerprijs genereert.
3.Het geschil
In conventie
4.De beoordeling
In conventie
woningonttrekkingsvergunninghet causale verband verbreekt tussen de geleden schade en de weigering van de
omgevingsvergunning. Die vraag beantwoordt de rechtbank ontkennend.
geheleperiode schade is geleden ten aanzien van
achtappartementen, omdat de Gemeente betwist dat Zicob de in 2017/2018 verbouwde appartementen reeds in 2014 had kunnen verbouwen. Voorts is in geschil of de gederfde winst kan worden ingeschat op basis van de schadeopstelling zoals Zicob die heeft gemaakt.
7.998,00(2,0 punten × tarief € 3.999,00)
3.214,00(2,0 punten × factor 0,5 × tarief € 3.214,00)