Uitspraak
uitspraak van de enkelvoudige kamer van 13 januari 2023 in de zaak tussen
[eiser] , uit Amsterdam, eiser
Inleiding
Wat aan het bestreden besluit voorafging
“
Bijzondere bijstand is mogelijk als:
Conclusie en gevolgen
Rechtbank Amsterdam
Eiser heeft bijzondere bijstand aangevraagd voor kosten van een deskundigenonderzoek dat door de kantonrechter was bevolen in een privaatrechtelijke procedure. Het college van burgemeester en wethouders van Amsterdam wees de aanvraag af omdat het ging om een schuld en geen bijzondere, noodzakelijke kosten van het bestaan.
Eiser voerde aan dat hij voldeed aan de criteria voor bijzondere bijstand en dat het deskundigenonderzoek ambtshalve was bevolen, waardoor de situatie anders was dan in de bestuursrechtelijke jurisprudentie waarop het college zich baseerde. Tevens beriep hij zich op privacybescherming onder artikel 8 EVRM Pro.
De rechtbank oordeelde dat eiser onvoldoende informatie had verstrekt over de aard van de procedure en de noodzaak van de kosten, waardoor het college niet kon beoordelen of de kosten voor vergoeding in aanmerking kwamen. Er was geen strijd met artikel 8 EVRM Pro omdat eiser zelf de aanvraag deed en de bewijsvoering daarvoor moest leveren.
De rechtbank concludeerde dat het college het bezwaar terecht ongegrond had verklaard en dat eiser geen recht had op terugbetaling van griffierecht of vergoeding van proceskosten. Het beroep werd daarom ongegrond verklaard.
Uitkomst: Het beroep tegen de afwijzing van bijzondere bijstand voor deskundigenkosten wordt ongegrond verklaard.