Uitspraak
RECHTBANK AMSTERDAM
[verzoeker] ,
mr. I. Appel, Robert Scottstraat 19, 1056 AW Amsterdam,
Rechtbank Amsterdam
Verzoeker was verdachte in een strafrechtelijk onderzoek naar een straatroof en heling van een telefoon. De officier van justitie besloot de zaak tegen verzoeker te seponeren wegens onvoldoende bewijs. Verzoeker vroeg op grond van artikel 530 Sv Pro een schadevergoeding voor gemaakte kosten van rechtsbijstand en de procedurekosten.
De rechtbank behandelde het verzoek en oordeelde dat er onvoldoende aanwijzingen waren voor een vermoeden van schuld. De relatie tussen verzoeker en de gestolen telefoon was onduidelijk, en de beschikbare bewijzen waren niet overtuigend. De rechtbank stelde dat het criterium voor schadevergoeding niet is of een veroordeling onmiskenbaar zou zijn geweest, maar of er gronden van billijkheid zijn.
Gezien de omstandigheden achtte de rechtbank het billijk om de gevraagde vergoeding toe te kennen. De kosten van de raadsman en de procedure werden volledig vergoed. De beslissing werd openbaar uitgesproken op 22 maart 2023 door rechter Loyson.
Uitkomst: De rechtbank kent verzoeker een schadevergoeding toe wegens sepot van de strafzaak wegens onvoldoende aanwijzingen voor schuld.