Uitspraak
RECHTBANK AMSTERDAM
1.Het onderzoek ter terechtzitting
2.Tenlastelegging
3.Waardering van het bewijs
Dhr.[ [slachtoffer] ]
zal zich altijd gedragen naar de onmiddellijke goed/afkeuring van de ouder, verzorger of andere autoriteitsfiguur. Zeker in een omgeving waar ouders of begeleiders niet aanwezig zijn, zal dhr. [slachtoffer] luisteren naar de persoon met de meeste autoriteit. Uit angst voor straf of consequenties zal dhr.[ [slachtoffer] ]
zich gedragen naar de wensen en eisen van een ander.”
eigenpoep moest opeten:
“Ik moest poep van hem eten.”De rechtbank heeft de indruk dat de verbalisant vervolgens denkt dat [slachtoffer] bedoelde dat hij de poep
van verdachtemoest opeten. Als de verbalisant vraagt of dit klopt, antwoordt [slachtoffer] bevestigend. Hij komt hierdoor terug op zijn eerdere verklaring die hij kort daarvoor heeft afgelegd.
bijnamoest overgeven:
echtheeft overgegeven, antwoordt hij opnieuw bevestigend en daarmee opnieuw tegenstrijdig aan zijn eerdere verklaring die hij vlak daarvoor heeft gegeven.
een geringe mate van steunbewijsvoor de verklaring van [slachtoffer] dus niet voldoende bewijs opleveren; daaraan worden in deze zaak hogere eisen gesteld.
(de rechtbank begrijpt: het penetreren met de penis), waarin verdachte zegt dat [slachtoffer] mag plassen/zijn plas moet bewaren en waarin verdachte aangeeft dat hij mes, touw en spullen klaar heeft staan. Hoewel deze chats een indicatie bevatten dat er mogelijk sprake is geweest van penetratie, dat er urine gedronken moest worden en het gebruik van attributen, kan echter niet bewezen worden dat de door [slachtoffer] omschreven handelingen hebben plaatsgevonden. Daarbij geldt bovendien dat de chats slechts spreken van een voornemen, belofte of plan. Tijdens de doorzoeking van de woning van verdachte zijn ook geen (seks)attributen aangetroffen. Verdachte heeft al deze handelingen tot slot stellig ontkend. Naar het oordeel van de rechtbank kan gelet op al het voorgaande niet worden bewezen dat deze handelingen ook daadwerkelijk hebben plaatsgevonden.
zodanige psychische stoornis, psychogeriatrische aandoening of verstandelijke handicap lijdt dat hij niet of onvolkomen in staat is zijn wil daaromtrent te bepalen of kenbaar te maken of daartegen weerstand te bieden.Daarvan moet bij een verdachte ook wetenschap hebben bestaan.
“Hij was niet de knapste. Qua uiterlijk zag hij er niet zo goed uit.”Dat er
ietsmet [slachtoffer] aan de hand was, moet dus ook voor verdachte zichtbaar zijn geweest.
“Op de rechter-commissaris, een leek op dit gebied, maakte de getuige de indruk van een man wiens emotionele ontwikkeling duidelijk achter is gebleven bij zijn kalenderleeftijd.”
“Je bent er klaar voor. Vandaag is je kans voor het eerst gepijpt te worden.”In een ander chatbericht van 5 augustus 2022 geeft [slachtoffer] aan dat hij zit te huilen. Verdachte reageert vervolgens met:
“Kom nu maar zoon.”. Wanneer verdachte tijdens de zitting werd gevraagd wat hij hiermee bedoelde, heeft hij daarover verklaard dat hij [slachtoffer] misschien ook wel als een soort zoon zag.
4.Bewezenverklaring
5.De strafbaarheid van het feit
6.De strafbaarheid van verdachte
7.Motivering van de straffen en maatregelen
8.De vordering van de benadeelde partij
9.Toepasselijke wettelijke voorschriften
10.Beslissing
primair ten laste gelegde niet bewezenen
spreekt verdachte daarvan vrij.
bewezendat
verdachte het subsidiair ten laste gelegde heeft begaanzoals hiervoor in rubriek 4 is vermeld.
[verdachte], daarvoor strafbaar.
gevangenisstrafvoor de duur van
2 (twee) jaar.
6 (zes) maanden, van deze gevangenisstraf
niet ten uitvoer zal worden gelegd, tenzij later anders wordt bevolen.
proeftijd van 3 jaarvast.
- Veroordeelde moet zich
- Veroordeelde moet zich
- Veroordeelde moet zich
- Veroordeelde moet
- Ten behoeve van het vaststellen van zijn identiteit medewerking zal verlenen aan het nemen van een of meer vingerafdrukken of een identiteitsbewijs als bedoeld in artikel 1 van Pro de Wet op de identificatieplicht ter inzage aanbiedt;
- Medewerking verleent aan het reclasseringstoezicht, bedoeld in artikel 14c, zesde lid, van het Wetboek van Strafrecht, daaronder begrepen de medewerking aan huisbezoeken en het zich melden bij de reclassering zo vaak en zolang als de reclassering dit noodzakelijk acht.
voor de duur van 5 (vijf) jaren opgeenenkele wijze- direct of indirect -
contact zal opnemen, zoeken of hebben met
[slachtoffer], geboren op [geboortedatum slachtoffer] .
vervangende hechteniszal worden toegepast voor het geval niet aan de maatregel wordt voldaan. De duur van deze vervangende hechtenis bedraagt
2 (twee) wekenvoor
iedere keerdat niet aan de maatregel wordt voldaan.
€ 7.500,- (vijfenzeventighonderd euro)aan vergoeding van immateriële schade, te vermeerderen met de wettelijke rente daarover vanaf het moment van het ontstaan van de schade (2 december 2022) tot aan de dag van de algehele voldoening.
nihil.