ECLI:NL:RBAMS:2024:3141
Rechtbank Amsterdam
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- T.L. Fernig - Rocour
- Rechtspraak.nl
Afwijzing schadevergoeding wegens onterechte opname persoonsgegevens in FSV
Eiser stond sinds 2010 of 2011 geregistreerd in de Fraude Signalering Voorziening (FSV) van de minister van Financiën. Na bekendmaking van deze registratie en excuses, verzocht eiser in 2021 om schadevergoeding wegens onrechtmatige verwerking van zijn persoonsgegevens. Verweerder wees dit verzoek af omdat geen schade was vastgesteld en de gegevens niet met derden waren gedeeld.
Eiser maakte bezwaar tegen deze afwijzing, maar dit bezwaar werd door verweerder niet-ontvankelijk verklaard omdat het besluit geen bestuursrechtelijk besluit zou zijn. De rechtbank oordeelde echter dat het besluit wel een schadebesluit is waartegen bezwaar en beroep openstaan, en dat de bestuursrechter bevoegd is de zaak te behandelen.
De rechtbank stelde vast dat de registratie onrechtmatig was, maar dat eiser geen concrete schade had aangetoond. Er was geen bewijs dat gegevens waren gedeeld of dat de goede naam van eiser was aangetast. Immateriële schade werd niet aannemelijk gemaakt. Daarom wees de rechtbank het verzoek om schadevergoeding af.
De rechtbank vernietigde het bestreden besluit en voorzag zelf in de zaak. Verweerder werd veroordeeld tot vergoeding van griffierecht en proceskosten aan eiser. De uitspraak is gedaan door rechter Fernig - Rocour en uitgesproken op 16 mei 2024.
Uitkomst: Het verzoek om schadevergoeding wegens onterechte opname in de FSV wordt afgewezen.