ECLI:NL:RBAMS:2024:5191
Rechtbank Amsterdam
- Eerste en enige aanleg
- Rechtspraak.nl
Officier van justitie niet-ontvankelijk wegens intrekking Europees aanhoudingsbevel
Op 7 augustus 2024 behandelde de Rechtbank Amsterdam een vordering van de officier van justitie tot het in behandeling nemen van een Europees aanhoudingsbevel (EAB). Dit bevel was uitgevaardigd door de Rechtbank van Eerste Aanleg Limburg, afdeling Hasselt, België, en betrof de aanhouding en overlevering van een opgeëiste persoon geboren in 1951.
De opgeëiste persoon en zijn advocaat verschenen niet op de zitting, na afstemming met de officier van justitie en de rechtbank. De rechtbank stelde de identiteit van de opgeëiste persoon vast en bevestigde diens Nederlandse nationaliteit.
De officier van justitie stelde zich niet-ontvankelijk omdat uit een e-mail van de uitvaardigende justitiële autoriteit bleek dat de opgeëiste persoon zich in België had gemeld en het EAB daarom was ingetrokken. De rechtbank volgde dit standpunt en verklaarde de officier van justitie niet-ontvankelijk. Tevens stelde de rechtbank vast dat de overleveringsdetentie was geëindigd.
De uitspraak werd gedaan door de voorzitter en twee rechters, in aanwezigheid van de griffier, en is onherroepelijk volgens artikel 29, tweede lid, van de Overleveringswet.
Uitkomst: De officier van justitie is niet-ontvankelijk verklaard wegens intrekking van het Europees aanhoudingsbevel.