ECLI:NL:RBAMS:2024:5249
Rechtbank Amsterdam
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Heronderzoek aanvullende individuele ondersteuning Wmo wegens onvoldoende concrete vaststelling ondersteuningsbehoefte
Eiser heeft bezwaar gemaakt tegen het besluit van het college van burgemeester en wethouders van Amsterdam om slechts vijf uur en tien minuten persoonsgebonden budget (pgb) toe te kennen voor aanvullende individuele ondersteuning op grond van de Wmo 2015, terwijl hij vijftien uur had aangevraagd.
De rechtbank oordeelt dat het college onvoldoende concreet heeft vastgesteld wat de omvang van de ondersteuningsbehoefte is. Het onderzoek van de indicatieadviseur benoemt wel de aard van de ondersteuning, maar niet de benodigde tijdsduur per ondersteuningsmoment. Hierdoor is het onderzoek onzorgvuldig en niet in lijn met het stappenplan van de Centrale Raad van Beroep.
Daarnaast is onvoldoende rekening gehouden met de individuele situatie van eiser, zoals zijn angstproblematiek en participatiedoelen, bijvoorbeeld het zelf boodschappen doen. Het college moet opnieuw onderzoek doen waarbij alle stappen van het stappenplan worden gevolgd, met inachtneming van de opmerkingen van de rechtbank. Het beroep wordt gegrond verklaard, het besluit vernietigd en het college krijgt zes weken om een nieuw besluit te nemen. Tevens wordt het college veroordeeld tot vergoeding van griffierecht en proceskosten.
Uitkomst: Het beroep wordt gegrond verklaard, het besluit vernietigd en het college moet binnen zes weken een nieuw besluit nemen.