ECLI:NL:RBAMS:2024:6082

Rechtbank Amsterdam

Datum uitspraak
19 september 2024
Publicatiedatum
4 oktober 2024
Zaaknummer
13/230294-24 (EAB V)
Type
Uitspraak
Uitkomst
Toewijzend
Procedures
  • Eerste en enige aanleg
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 184 SrArt. 2 OLWArt. 5 OLWArt. 7 OLWArt. 11 OLW
Verwijzingen
10 uitgaand
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Toestaan Spaans Europees aanhoudingsbevel ondanks bezwaren artikel 11 Overleveringswet

De rechtbank Amsterdam behandelde op 5 september 2024 het Europees aanhoudingsbevel (EAB) uitgevaardigd door het Criminal Court no. 24 in Barcelona, gericht op de overlevering van een persoon geboren in Marokko en zonder vaste verblijfplaats in Nederland. De opgeëiste persoon was aanwezig en werd bijgestaan door een raadsman en tolk.

Het EAB betreft de tenuitvoerlegging van een vrijheidsstraf van zes maanden opgelegd wegens het opzettelijk niet voldoen aan een wettelijk bevel van een opsporingsambtenaar. De rechtbank stelde vast dat het EAB voldoet aan de formele eisen en dat het feit in Nederland ook strafbaar is (dubbele strafbaarheid).

De opgeëiste persoon voerde verweer op grond van artikel 11 OLW Pro, stellende dat hij vreest voor onmenselijke of vernederende behandeling in de Spaanse gevangenis, mede vanwege bedreigingen door de maffia. De rechtbank vond echter geen objectieve, betrouwbare en actuele gegevens die een reëel gevaar voor dergelijke behandeling aantonen.

Daarom staan geen weigeringsgronden aan de overlevering in de weg en wordt het EAB toegestaan. Tegen deze beslissing is geen gewoon rechtsmiddel mogelijk. De uitspraak werd gedaan door de rechtbank Amsterdam op 19 september 2024.

Uitkomst: De rechtbank Amsterdam staat de overlevering van de opgeëiste persoon aan Spanje toe.

Uitspraak

RECHTBANK AMSTERDAM

INTERNATIONALE RECHTSHULPKAMER

Parketnummer: 13/230294-24 (EAB V)
Datum uitspraak: 19 september 2024
UITSPRAAK
op de vordering van 17 juli 2024 van de officier van justitie bij deze rechtbank tot het in behandeling nemen van een Europees aanhoudingsbevel (EAB). [1] Dit EAB is uitgevaardigd op
4 juli 2024 door
the Criminal Court (Juzgado Penal) no. 24 in Barcelona(Spanje) (hierna: de uitvaardigende justitiële autoriteit) en strekt tot de aanhouding en overlevering van:
[opgeëiste persoon] (in SKDB bekend als [naam] ),
geboren op [geboortedatum] 1988 (volgens SKDB [geboortedatum] 1995) te [geboorteplaats] (Marokko),
zonder vaste woon- of verblijfplaats in Nederland,
nu gedetineerd in de [geboorteplaats] ,
hierna ‘de opgeëiste persoon’.

1.Procesgang

De behandeling van het EAB heeft plaatsgevonden op de zitting van 5 september 2024, in aanwezigheid van mr. A.L. Wagenaar, officier van justitie. De opgeëiste persoon is verschenen en is bijgestaan door zijn raadsman, mr. M.A.M. Pijnenburg, advocaat in Amsterdam, en door een tolk in de Arabische (Marokkaanse) taal.
De rechtbank heeft de termijn waarbinnen zij op grond van de Overleveringswet (OLW) uitspraak moet doen over de verzochte overlevering met 30 dagen verlengd. [2]
Tevens heeft de rechtbank voor sluiting van het onderzoek ter zitting de gevangenneming bevolen.

2.Identiteit van de opgeëiste persoon

Ter zitting heeft de opgeëiste persoon verklaard dat de persoonsgegevens zoals vermeld in het EAB juist zijn en dat hij de Marokkaanse nationaliteit heeft. De opgeëiste persoon heeft verklaard dat hij bij aankomst in Nederland de in de SKDB opgenomen gegevens heeft opgegeven.

3.Grondslag en inhoud van het EAB

Het EAB vermeldt, in samenhang gelezen met de aanvullende informatie van de uitvaardigende justitiële autoriteit van 31 juli 2024, een
executive sentencevan 11 juni 2018 van
the 26th Criminal Court of Barcelona,met nummer 244/2018.
Het EAB vermeldt dat de opgeëiste persoon in persoon is verschenen bij het proces dat tot de beslissing heeft geleid. Artikel 12 OLW Pro staat derhalve niet aan overlevering in de weg.
De overlevering wordt verzocht ten behoeve van de tenuitvoerlegging van een vrijheidsstraf voor de duur van zes maanden, door de opgeëiste persoon te ondergaan op het grondgebied van de uitvaardigende lidstaat. De vrijheidsstraf is aan de opgeëiste persoon opgelegd bij het hiervoor genoemde vonnis.
Dit vonnis betreft het feit zoals dat is omschreven in het EAB. [3]

4.Strafbaarheid: feit waarvoor dubbele strafbaarheid is vereist

De uitvaardigende justitiële autoriteit heeft het feit niet aangeduid als een feit waarvoor het vereiste van toetsing van dubbele strafbaarheid niet geldt. Overlevering kan in dat geval worden toegestaan, indien voldaan wordt aan de kaderbesluitconform uitgelegde eisen die in artikel 7, eerste lid, aanhef en onder b, OLW juncto artikel 7, eerste lid, onder a 2°, OLW zijn neergelegd.
De rechtbank stelt vast dat hieraan is voldaan.
Het feit levert naar Nederlands recht op:
opzettelijk niet voldoen aan een bevel of een vordering, krachtens wettelijk voorschrift gedaan door een ambtenaar belast met of bevoegd verklaard tot het opsporen of onderzoeken van strafbare feiten

5.Artikel 11 OLW Pro

De opgeëiste persoon heeft aangegeven dat hij tijdens zijn verlof in Spanje is gevlucht uit angst voor de maffia in de Spaanse gevangenis waar hij verbleef. Hij is erg bezorgd over een eventuele terugkeer naar de Spaanse gevangenis. De raadsman heeft aangegeven dat hij deze stelling van de opgeëiste persoon niet nader heeft kunnen onderbouwen.
De rechtbank begrijpt het verweer van de opgeëiste persoon aldus, dat hij vreest voor onmenselijke of vernederende behandeling als hij in Spanje wordt gedetineerd, waarmee hij impliciet een beroep doet op artikel 11 OLW Pro. De rechtbank is met de officier van justitie van oordeel dat artikel 11 OLW Pro niet aan overlevering in de weg staat. Er is niet gebleken van objectieve, betrouwbare, nauwkeurige en naar behoren bijgewerkte gegevens waaruit zou kunnen volgen dat er een algemeen reëel gevaar bestaat dat de Spaanse autoriteiten onvoldoende bescherming bieden tegen geweld dan wel bedreigingen door medegedetineerden in de gevangenis.

6.Slotsom

De rechtbank stelt vast dat het EAB voldoet aan de eisen van artikel 2 OLW Pro. Verder staan geen weigeringsgronden aan de overlevering in de weg en is geen sprake van een geval waarin aan het EAB geen gevolg mag worden gegeven. Om die reden staat de rechtbank de overlevering toe.

7.Toepasselijke wetsbepalingen

De artikelen 184 Wetboek van Strafrecht en 2, 5 en 7 OLW.

8.Beslissing

STAAT TOEde overlevering van
[opgeëiste persoon] (in SKDB bekend als [naam] )aan
the Criminal Court (Juzgado Penal) no. 24 in Barcelona(Spanje) voor het feit zoals dat is omschreven in onderdeel e) van het EAB.
Deze uitspraak is gedaan door:
mr. M.E.M. James-Pater, voorzitter,
mrs. O.P.M. Fruytier en E. de Rooij, rechters,
in tegenwoordigheid van mr. L.J.F. Ceelie, griffier,
en in het openbaar uitgesproken op de zitting van 19 september 2024.
Ingevolge artikel 29, tweede lid, OLW staat tegen deze uitspraak geen gewoon rechtsmiddel open.

Voetnoten

1.Zie artikel 23 Overleveringswet Pro.
2.Zie artikel 22, eerste en derde lid, OLW.
3.Zie onderdeel e) van het EAB.