Uitspraak
RECHTBANK AMSTERDAM
INTERNATIONALE RECHTSHULPKAMER
1.Procesgang
2.Identiteit van de opgeëiste persoon
3.Tussenuitspraak
4.Genoegzaamheid
charge1, 8 en 26). Ten aanzien van
charge1 vermeldt de aanvullende informatie dat de verdenking ziet op de periode van 2020
permanently.Nu dit dusdanig breed en onbepaald is, kan het specialiteitsbeginsel niet worden gewaarborgd. Datzelfde geldt ten aanzien van
charge8 en 26 nu de pleegplaatsen daar nog steeds ontbreken.
charge1) heeft de uitvaardigende justitiële autoriteit medegedeeld dat het feit continue zou zijn gepleegd vanaf 2020, dus tot op het moment van het uitvaardigen van het EAB. Ten aanzien van feit 2 en 4 (
charge8 en 26) zijn de transacties dermate duidelijk omschreven, dat het specialiteitsbeginsel voldoende is gewaarborgd. Bovendien moeten de feiten in onderling verband met feit 1 worden bezien, waarvoor wel pleegplaatsen zijn genoemd. Ook kan het feit online zijn begaan, wat met zich brengt dat de pleegplaats overal ter wereld kan zijn. Ten slotte betreft het een vervolgings-EAB, waarbij de verdenking nog niet helemaal uitgekristalliseerd hoeft te zijn.
charge1 ervan wordt verdacht deel te hebben genomen aan een criminele organisatie, die zich sinds 2020 continu bezig zou hebben gehouden met computeroplichting en het witwassen van de opbrengsten daarvan in Palermo, Agrigento, Caltanissetta (Italië), Nigeria, Duitsland, Spanje en Letland. De overige feiten,
charge8, 25 en 26, betreffen de witwasfeiten waaraan de opgeëiste persoon zou hebben deelgenomen.
Charge8 zou tussen 11 en 16 november 2020 zijn gepleegd op een onbekende plaats,
charge25 tussen 21 en 24 december 2020 in Palermo en
charge26 op 16 oktober 2021 op een onbekende plaats.
charge1 begrijpt de rechtbank de genoemde pleegperiode zo dat de overlevering wordt gevraagd voor een feit gepleegd in de periode vanaf 2020 tot in ieder geval het moment van uitvaardigen van het EAB. Ten aanzien van het ontbreken van de pleegplaatsen bij
charge8 en 26 overweegt de rechtbank dat deze feiten in onderling verband en samenhang bezien moeten worden met
charge1; deelname aan een criminele organisatie (waarvoor wel pleegplaatsen zijn genoemd). Daarbij komt dat voor
charge8 en 26 de transacties in detail zijn omschreven. Bovendien betreft het een vervolgings-EAB, waarbij de overlevering is gevraagd ten behoeve van een nog lopend strafrechtelijk onderzoek. De precieze gang van zaken met betrekking tot de feiten waarvan de opgeëiste persoon in Italië wordt verdacht, zal later in Italië moeten blijken. De rechtbank verwerpt het verweer van de raadsman.
5.Strafbaarheid
6.Slotsom
7.Toepasselijke wetsartikelen
8.Beslissing
[de opgeëiste persoon]aan de Rechtbank van Palermo, Italië, voor de feiten zoals die zijn omschreven in onderdeel e) van het EAB.