Uitspraak
RECHTBANK AMSTERDAM
1.Inleiding
2.Onderzoekswensen van de verdediging
3.Oordeel van de rechtbank
fishing expedition’. De rechtbank wijst deze onderzoekswensen daarom af.
Rechtbank Amsterdam
De rechtbank Amsterdam heeft op 21 maart 2025 een beslissing genomen over de onderzoekswensen van de verdediging in een strafzaak tegen verdachte in verband met het gebruik van SkyECC-telefoons. De verdediging had meerdere onderzoekswensen ingediend, waaronder het opvragen van providergegevens, passagierslijsten en het horen van getuigen en tegenaccounts. De rechtbank heeft deze verzoeken zorgvuldig beoordeeld.
De rechtbank oordeelt dat de gevraagde buitenlandse providergegevens niet noodzakelijk zijn omdat deze niet belastend zijn gebruikt door het Openbaar Ministerie en de verdediging dit niet concreet heeft onderbouwd. Ook inzage in passagierslijsten werd afgewezen omdat de verdediging al over deze informatie beschikte via een andere raadsman en onvoldoende heeft toegelicht waarom hernieuwde inzage noodzakelijk is. Daarnaast zijn verzoeken om aanvullende vluchtgegevens afgewezen omdat deze niet relevant zijn voor de betwisting van het tenlastegelegde.
Ten aanzien van de zaaks-overstijgende onderzoekswensen wijst de rechtbank deze af op grond van het interstatelijke vertrouwensbeginsel. Dit houdt in dat het onderzoek dat onder verantwoordelijkheid van Franse autoriteiten is uitgevoerd, wordt gerespecteerd en als rechtmatig en betrouwbaar wordt beschouwd, tenzij onherroepelijk is vastgesteld dat het onderzoek niet volgens de regels is verricht. De verdediging heeft geen concrete aanwijzingen voor onrechtmatigheid of onbetrouwbaarheid aangevoerd.
De rechtbank verwijst uitvoerig naar eerdere uitspraken van de Hoge Raad en eerdere beslissingen in soortgelijke zaken. De beslissing is op 24 maart 2025 schriftelijk aan de verdediging medegedeeld en aan het proces-verbaal van de regiezitting van 28 februari 2025 gehecht.
Uitkomst: De rechtbank wijst alle onderzoekswensen van de verdediging af wegens onvoldoende onderbouwing en toepassing van het interstatelijke vertrouwensbeginsel.