Uitspraak
hierna te noemen de man,
advocaat mr. F.R. Brouwer te Amsterdam,
hierna te noemen de vrouw,
advocaat mr. H.A. van Hapert te Amsterdam.
1.De procedure
- de man en zijn advocaat;
- de vrouw en haar advocaat.
2.De feiten
3.Het verzoek en het verweer
- te bepalen dat de alimentatieplicht van de man jegens de vrouw met ingang van 20 september 2023, althans een zodanige datum als uw rechtbank in goede justitie vermeent te behoren, is geëindigd op grond van artikel 1:160 van Pro het Burgerlijk Wetboek (BW);
- te bepalen dat de vrouw gehouden is om alle onderhoudsbijdragen die zij van de man heeft ontvangen voor zover die zien op de periode na beëindiging van de alimentatieplicht aan de man dient terug te betalen;
- te bepalen dat de vrouw gehouden is om aan de man te vergoeden € 12.635, - in verband met de door hem gemaakte recherchekosten.