Uitspraak
RECHTBANK AMSTERDAM
INTERNATIONALE RECHTSHULPKAMER
the Ostrolęka Regional Court, Second Criminal Division, Polen, (hierna: de uitvaardigende justitiële autoriteit) en strekt tot de aanhouding en overlevering van:
1.Procesgang
2.Identiteit van de opgeëiste persoon
3.Grondslag en inhoud van het EAB
the District Court in Wyszkówvan 12 april 2019 met kenmerk II K 76/19.
4.Weigeringsgrond als bedoeld in artikel 12 OLW Pro
5.Strafbaarheid
6.Weigeringsgrond als bedoeld in artikel 6a OLW
zijn ingediend in ieder gevaltijdig zijn. [9] Indiening van de stukken ter onderbouwing van een gelijkstellingsverweer na de tiende dag voorafgaande aan de zitting kán ertoe leiden dat de rechtbank deze stukken buiten beschouwing laat.
- van ten hoogste zes maanden per jaar;
- gedurende een eenmalige periode van ten hoogste twaalf achtereenvolgende maanden om een belangrijke reden, zoals zwangerschap en bevalling, ernstige ziekte, of beroepsopleiding.
opnieuwlopen. [15]
- Economisch niet-actieven;
- Studenten;
- Werknemers en zelfstandigen.
in ieder gevalsprake als:
bijvoorbeeldgaan om belastingaanslagen, verklaringen
bijvoorbeeldgaan om verklaringen inkomen ondernemer, KVK-uittreksels, belastingaanslagen, jaarrekeningen of maandelijkse opgaven van bedrijfsresultaten. Belastingaangiftes zijn volgens vaste jurisprudentie van de rechtbank géén objectieve gegevens, omdat die door of namens de opgeëiste persoon zijn ingevuld, nog kunnen worden gewijzigd en nog niet door de Belastingdienst zijn vastgesteld.
.De rechtbank verwacht namelijk, gelet op de IND-adviezen in andere zaken en het strafbare feit waarvoor de opgeëiste persoon is veroordeeld, dat de opgeëiste persoon haar verblijfsrecht niet zal verliezen.
C.J. [22] en de OLW naar aanleiding van dat arrest (nog) niet is aangepast, is de rechtbank van oordeel dat sprake is van een uitzonderlijke situatie als bedoeld in artikel 22, vierde lid, OLW, zodat de rechtbank de beslistermijn met 60 dagen zal verlengen. De termijn verloopt dan op 21 augustus 2026. De rechtbank zal gelijktijdig de (geschorste) overleveringsdetentie verlengen op grond van artikel 27, derde lid, OLW. De zaak zal dan zo snel mogelijk, maar uiterlijk 14 dagen vóór het verstrijken van de verlengde beslistermijn opnieuw op zitting moeten worden gepland.
6.Beslissing
SCHORSThet onderzoek voor onbepaalde tijd, teneinde de officier van justitie in de gelegenheid te stellen de onder 6.3.2 genoemde informatie op te vragen.