Uitspraak
RECHTBANK AMSTERDAM
INTERNATIONALE RECHTSHULPKAMER
the Regional Court in Szczecin, Polen, (hierna: de uitvaardigende justitiële autoriteit) en strekt tot de aanhouding en overlevering van:
1.Procesgang
2.Identiteit van de opgeëiste persoon
3.Grondslag en inhoud van het EAB
the District Court in Stargardvan 12 maart 2024, met kenmerk II K 859/22.
4.Weigeringsgrond als bedoeld in artikel 12 OLW Pro
the District Court in Stargardvan 12 maart 2024 in stand is gelaten bij arrest van
the Regional Court in Szczecinvan 8 oktober 2024, met referentie IV Ka 1093/24.
[adres 2]) gestuurd. De door de opgeëiste persoon gemachtigde raadsman is op de zitting in hoger beroep verschenen. Gelet hierop, heeft de opgeëiste persoon zijn verdedigingsrechten kunnen uitoefenen, zodat het toestaan van de overlevering geen schending daarvan oplevert omdat de opgeëiste persoon, voor zover hij al niet uit eigen beweging stilzwijgend afstand heeft gedaan van zijn recht om in persoon te verschijnen bij het proces dat tot dit arrest heeft geleid, op zijn minst kennelijk onzorgvuldig is geweest met betrekking tot zijn bereikbaarheid voor officiële correspondentie.
5.Strafbaarheid
7.Weigeringsgrond als bedoeld in artikel 6a OLW
C.J. [8] heeft de bevoegde autoriteit van de beslissingsstaat het certificaat, zoals opgenomen in bijlage 1 bij het Kaderbesluit 2008/909/JBZ, en een kopie van het veroordelende vonnis toegezonden. Daarmee heeft de bevoegde autoriteit van de beslissingsstaat toestemming heeft gegeven voor het overnemen van de straf door Nederland.
8.Slotsom
9.Toepasselijke wetsbepalingen
10.Beslissing
[opgeëiste persoon]aan
the Regional Court in Szczecin, Polen.
[opgeëiste persoon] .
[opgeëiste persoon]tot aan de tenuitvoerlegging van de vrijheidsstraf. Dit bevel is apart opgemaakt.