Uitspraak
RECHTBANK AMSTERDAM
INTERNATIONALE RECHTSHULPKAMER
1.Procesgang
2.Identiteit van de opgeëiste persoon
4.Strafbaarheid; feiten vermeld op bijlage 1 bij de OLW
5.De garantie als bedoeld in artikel 6, eerste lid, OLW
Overeenkomstig artikel 5 §3 van het kaderbesluit van 13 juni 2002 betreffende het Europees aanhoudingsbevel, bied ik u de garantie voor de terugkeer naar Nederland van de door u over te leveren Nederlandse onderdaan of ingezetene, in casu [de opgeëiste persoon] .
7.Artikel 11 OLW Pro: Belgische detentieomstandigheden
1. In welke detentie-instelling zal de opgeëiste persoon gedetineerd worden?
De opgeëiste persoon zal niet worden opgesloten in een cel met minder dan 3 m2 individuele levensruimte. Dit geldt zowel indien de opgeëiste persoon in een eenpersoons- als in een meerpersoonscel zou worden opgesloten.
De gemiddelde minimum leefruimte van elke cel is 9 m2 inclusief vast meubilair.
De sanitair blokken omvatten een wasbak en een toilet dat is afgescheiden van de rest van de cel door een muur of scherm
Het vast meubilair omvat onder andere een tafel, kast, bed en bureau.
De opgeëiste persoon zal een bed ter beschikking hebben en zal bijgevolg niet op grond hoeven te slapen.
Er worden verschillende dagactiviteiten buiten de cel voorzien. Deze activiteiten omvatten in ieder geval regelmatige wandelingen in een open koer en familiebezoeken alsook toegang tot gemeenschappelijke ruimtes. Aanvullende activiteiten zoals sport en arbeid zijn onderhevig aan aanzienlijke wachtlijsten.
3.Sanitaire en hygiëne omstandigheden
remand prisonsin Polen, het risico lopen te worden blootgesteld aan onmenselijke of vernederende omstandigheden, doordat zij structureel 23 uur per dag op cel moeten verblijven.
remand regimeen de Belgische detentieomstandigheden niet zonder meer vergelijkbaar zijn. [8] Het uitgangspunt bij het aangenomen algemene reële gevaar ten aanzien van het Poolse
remand regimeligt in het grote aantal uren dat preventief gehechten in hun cel moeten doorbrengen, gezien het min of meer vast beleid dat inherent is aan het regime in voorlopige hechtenis. Het zwaartepunt bij het vaststellen van het algemene gevaar ten aanzien van Belgische penitentiaire inrichtingen ligt - voor zover hier van belang - bij de zogenaamde ‘grondslapers’ en de overbevolking.
8.Slotsom
9.Toepasselijke wetsartikelen
10.Beslissing
[de opgeëiste persoon]aan de Rechtbank van Eerste Aanleg Antwerpen, afdeling Turnhout (België) voor de feiten zoals die zijn omschreven in onderdeel e) van het EAB.