Uitspraak
RECHTBANK Amsterdam
2. en 3.
[gedaagde 2 en 3],
1.Dit vonnis in het kort
2.De procedure
3.De feiten
The Borrower conducts a business in the field of improving health with natural products.
Borrower temporarily needs to increase its working capital in order to finance the growth of the aforementioned business.
4.Het geschil
5.De beoordeling
- Het uitgangspunt is dat [gedaagden] zelf als professioneel handelend partij heeft afgesproken een contractuele boete te betalen van € 16.666,67 per maand als hij niet op tijd zou terugbetalen. Bovendien stelt [eiser] dat [gedaagde 2 en 3] dit zelf heeft voorgesteld en [gedaagden] heeft onvoldoende weersproken dat dit niet het geval zou zijn. In beginsel kan [gedaagden] dus aan deze afspraak worden gehouden.
- Daar komt bij dat [gedaagden] er zelf voor heeft gezorgd dat de boete zo hoog is opgelopen. Hij had er namelijk ook, zoals [eiser] heeft betoogd, voor kunnen kiezen het pand zelf te verkopen en van de opbrengst [eiser] te betalen zodra hij wist dat hij niet in staat was om de lening op tijd aan [eiser] terug te betalen. In plaats daarvan is [gedaagden] een executiegeschil tegen uitwinning van het pand begonnen.
- Daar staan echter de volgende omstandigheden tegenover die wel reden zijn om de contractueel overeengekomen boete te matigen:
- [gedaagden] heeft aangevoerd dat de omstandigheden zijn gewijzigd. Hij is de leningsovereenkomst aangegaan met het idee dat hij snel rendement op een investering kon maken en dat hij dit rendement in zijn bedrijf zou kunnen investeren en dat dit ruimschoot voldoende zou zijn om de lening plus rente snel af te lossen, maar dat is helaas niet gelukt waardoor hij nu in de problemen is gekomen.
- [eiser] heeft geen financiële schade geleden door de te late terugbetaling van de lening, anders dan de tijd en frustratie die het haar al heeft gekost om in ieder geval de hoofdsom terug te krijgen.
- [eiser] heeft het door haar uitgeleende bedrag, plus rente, plus drie keer de contractuele maandelijkse boete al ontvangen uit de verkoop van het pand. Ook heeft zij een bedrag van € 43.799,71 ontvangen ter vergoeding van de kosten die zij heeft moeten maken om haar geld terug te krijgen.
- [eiser] heeft onbetwist gesteld dat [gedaagden] haar had voorgesteld dat zij altijd een rendement van 100% op de lening zou maken. Als [gedaagden] de lening namelijk op of voor de
Costs” (zie paragraaf 2.1 hiervoor) vergoeding van de volledige (proces)kosten overeengekomen. Deze afspraak tot vergoeding van de volledige proceskosten is gemaakt tussen professionele partijen die op commerciële basis met elkaar handelden. Volledige vergoeding van alle redelijke kosten moet daarom het uitgangspunt zijn en er hoeft niet getoetst te worden aan het in de rechtspraak ontwikkelde criterium misbruik van procesrecht.