Uitspraak
RECHTBANK AMSTERDAM
1. Het onderzoek ter terechtzitting
2. Tenlastelegging
de bijlageen geldt als hier ingevoegd.
3. Voorvragen
4. Waardering van het bewijs
4.1. Standpunt van de officier van justitie
- daarbij die [benadeelde partij] de woorden toe te voegen: "Geef je spullen, je horloge" en "Geef je telefoon".
5. Het bewijs
- een proces-verbaal aangifte met goederenbijlage, met nummer PL1300-2026082204-16 van 3 april 2026, in de wettelijke vorm opgemaakt door de daartoe bevoegde opsporingsambtenaar [opsporingsambtenaar] , pagina’s 001 t/m 004;
- de bekennende verklaring van verdachte afgelegd ter terechtzitting van 1 juli 2026.
6. De strafbaarheid van het feit en van verdachte
7. Motivering van de straf
7.1. Strafeis van het openbaar ministerie
8. Vordering tot schadevergoeding van de benadeelde partij [benadeelde partij]
9. Toepasselijke wettelijke voorschriften
10. Beslissing
[de verdachte], daarvoor strafbaar.
gevangenisstrafvoor de duur van
365 (driehonderdvijfenzestig) dagen.
288 (tweehonderdachtentachtig) dagen, van deze gevangenisstraf
niettenuitvoergelegd zal worden, tenzij later anders wordt bevolen.
3 (drie) jarenvast.
1.Meldplicht
2.Ambulante behandeling
3.Contactverbod
4.Locatiegebod (met Elektronische Monitoring)
5.Dagbesteding
6.Aflossing schulden
7.Beheersing middelengebruik
8.Ambulante begeleiding
- ten behoeve van het vaststellen van zijn identiteit medewerking zal verlenen aan het nemen van een of meer vingerafdrukken of een identiteitsbewijs als bedoeld in artikel 1 van Pro de Wet op de identificatieplicht ter inzage aanbiedt;
- medewerking verleent aan het reclasseringstoezicht, bedoeld in artikel 14c, zesde lid, van het Wetboek van Strafrecht, daaronder begrepen de medewerking aan huisbezoeken en het zich melden bij de reclassering zo vaak en zo lang als de reclassering dit noodzakelijk acht.