ECLI:NL:RBARN:2005:AU5753
Rechtbank Arnhem
- Eerste aanleg - meervoudig
- Rechtspraak.nl
Omzetbelastingheffing over vergoedingen voor buitengewoon verlof aan docenten voor vakbond en CITO-werkzaamheden
Eiseres, een onderwijsinstelling, verleende werknemers buitengewoon verlof voor werkzaamheden bij instellingen zoals het CITO en vakbonden, waarbij zij het salaris doorbetaalde en een vergoeding ontving. De Belastingdienst legde naheffingsaanslagen en boetes op wegens niet-betaalde omzetbelasting over deze vergoedingen.
De rechtbank stelde vast dat de vergoeding niet de werkzaamheden zelf betrof, maar het doorbetalen van salaris tijdens verlof. Dit doorbetalen vormt een dienst die belast is met omzetbelasting. Het beroep op het vertrouwensbeginsel op basis van een brief van de minister van OCW faalde omdat deze niet bevoegd is tot het geven van belastingbeleidsregels.
Verder oordeelde de rechtbank dat geen sprake was van kosten voor gemene rekening, omdat de vergoeding volledig door het CITO werd gedragen. De boete werd bevestigd, maar vanwege overschrijding van de redelijke termijn met meer dan twee jaar werd deze met 20% verminderd.
De rechtbank vernietigde de uitspraak op bezwaar, stelde de naheffingsaanslag vast op €18.408 en de boete op €1.472, en veroordeelde de Staat tot vergoeding van proceskosten en griffierecht.
Uitkomst: De naheffingsaanslag en boete werden verminderd en de Belastingdienst werd veroordeeld tot vergoeding van proceskosten.