ECLI:NL:RBARN:2006:AW2754
Rechtbank Arnhem
- Kort geding
- Rechtspraak.nl
Verplichting tot medewerking aan koopovereenkomst en levering woning na mondeling akkoord
In deze zaak ging het om de vraag of tussen eiser en gedaagde een mondelinge koopovereenkomst was gesloten voor de verkoop van een woning. Eiser stelde dat partijen op 21 december 2005 mondeling overeenstemming hadden bereikt over de koopprijs van € 220.000,-- k.k., terwijl gedaagde dit betwistte en stelde dat er geen geldige overeenkomst was vanwege het ontbreken van een schriftelijke vastlegging en het ontbreken van een volmacht voor de makelaar.
De voorzieningenrechter stelde vast dat de makelaar namens gedaagde had onderhandeld en dat het vertrouwen bij eiser gerechtvaardigd was dat de makelaar een toereikende volmacht had. Ook werd geoordeeld dat de voorlopige weigering van de bank om royement van de hypotheek te verlenen niet aan de totstandkoming van de overeenkomst in de weg stond, omdat dit niet tijdig was meegedeeld.
Hoewel het schriftelijkheidsvereiste van artikel 7:2 lid 1 BW Pro geldt, leidt dit niet tot nietigheid van de mondelinge overeenkomst, omdat gedaagde zich niet uitdrukkelijk het recht had voorbehouden zich terug te trekken. De voorzieningenrechter veroordeelde gedaagde tot medewerking aan het opstellen en ondertekenen van de koopakte en aan de levering van de woning, met een dwangsom voor het geval van niet-naleving.
Uitkomst: Gedaagde wordt veroordeeld tot medewerking aan ondertekening koopakte en levering woning met dwangsommen bij niet-naleving.