ECLI:NL:RBARN:2007:BB9370
Rechtbank Arnhem
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Beoordeling navorderingsaanslag en afschrijving bedrijfspand en verbouwing
Eiser, werkzaam als dierenarts en voor 50% eigenaar van een pand dat wordt verhuurd aan zijn maatschap, maakte bezwaar tegen een navorderingsaanslag inkomstenbelasting over 2001. De Belastingdienst had na een boekenonderzoek de afschrijving op het pand en de verbouwing gecorrigeerd en een navorderingsaanslag opgelegd.
De rechtbank oordeelde dat het bezwaarschrift tijdig was ingediend omdat eiser aannemelijk had gemaakt dat het op tijd ter post was bezorgd, ondanks een latere poststempel. Vervolgens werd overwogen dat de Belastingdienst terecht een navorderingsaanslag had opgelegd omdat pas in 2005 bleek dat de afschrijving onjuist was berekend, hetgeen een nieuw feit opleverde.
De rechtbank stelde vast dat het pand duurzaam gebouwd is met een verwachte levensduur van minimaal 40 jaar, waardoor een afschrijving van 2,5% passend is. Eiser had onvoldoende aannemelijk gemaakt dat een hoger afschrijvingspercentage gerechtvaardigd was, ook niet vanwege de ligging op een industrieterrein of onzekerheid over de toekomstige bestemming.
Verder oordeelde de rechtbank dat de verbouwingskosten niet als afzonderlijk bedrijfsmiddel konden worden aangemerkt en derhalve dezelfde afschrijving als het pand moeten krijgen. Het beroep op het vertrouwensbeginsel faalde omdat geen weloverwogen standpunt van de Belastingdienst was vastgesteld omtrent de afschrijvingsmethodiek.
De rechtbank verklaarde het beroep ongegrond en legde geen proceskostenveroordeling op.
Uitkomst: Het beroep tegen de navorderingsaanslag wordt ongegrond verklaard en de correcties op de afschrijving zijn terecht.