ECLI:NL:RBARN:2009:BJ4773
Rechtbank Arnhem
- Eerste aanleg - meervoudig
- W.H.A.C.M. Bouwens
- E. Klein Egelink
- C. van Linschoten
- Rechtspraak.nl
Herziening WW-uitkering wegens niet opgegeven indirecte uren zelfstandige
Eiseres ontving vanaf oktober 2003 een WW-uitkering en was sinds 2002 als zelfstandige werkzaam. Verweerder herzag de uitkering over de periode 17 januari 2005 tot en met 30 maart 2008 omdat eiseres niet alle indirecte uren van haar zelfstandige werkzaamheden had opgegeven, wat leidde tot een terugvordering van €12.663,35.
Eiseres stelde dat zij alleen directe uren hoefde te vermelden en dat zij niet redelijkerwijs kon weten dat indirecte uren relevant waren voor haar uitkering. De rechtbank oordeelde dat eiseres redelijkerwijs had moeten beseffen dat alle uren, direct en indirect, van invloed konden zijn op haar recht op uitkering en dus vermeld dienden te worden.
De rechtbank wees het beroep af en bevestigde dat de herziening en terugvordering terecht waren. Tevens werd het verzoek om schadevergoeding afgewezen. Het oordeel was gebaseerd op vaste rechtspraak en de informatievoorziening door verweerder aan eiseres.
Uitkomst: Het beroep tegen de herziening van de WW-uitkering wegens niet opgegeven indirecte uren wordt ongegrond verklaard en de terugvordering gehandhaafd.