ECLI:NL:RBARN:2009:BK8754
Rechtbank Arnhem
- Eerste aanleg - meervoudig
- Rechtspraak.nl
Belastingrechtelijke kwalificatie van pensionprijs paardenmanege en naheffingsaanslag omzetbelasting
Eiseres exploiteert een paardenpension waar paarden worden gestald, gevoerd en verzorgd. De vraag was of de pensionprijs moest worden gesplitst in drie of vier prestaties voor de omzetbelasting: verhuur van de box, gelegenheid tot sportbeoefening, levering van voer en uitmesten van de box.
De rechtbank stelt vast dat het uitmesten van de box, het toezicht bij het voeren en het voeren zelf economisch één enkele dienst vormen, namelijk de verzorging van de paarden. Dit oordeel is gebaseerd op het CPP-arrest van het Hof van Justitie van de EG, dat bepaalt dat diensten die economisch één geheel vormen niet kunstmatig gesplitst moeten worden.
De rechtbank oordeelt dat de levering van voer geen afzonderlijke prestatie is, omdat het voer niet rechtstreeks aan de klant wordt geleverd en het toezicht en calamiteitenhulp onderdeel zijn van de verzorging. De verzorging is niet opgenomen in de tabel I van de Wet OB en valt daarom onder het hoge tarief van 19 procent.
De naheffingsaanslag wordt daarom verminderd tot € 5.790,- en de boete wordt vernietigd omdat eiseres een pleitbaar standpunt had. Tevens wordt verweerder veroordeeld in de proceskosten van € 644,- en het griffierecht van € 288,- wordt aan eiseres vergoed.
Uitkomst: De naheffingsaanslag omzetbelasting wordt verminderd tot € 5.790,- en de boete vernietigd wegens pleitbaar standpunt.