ECLI:NL:RBARN:2010:BM5113
Rechtbank Arnhem
- Eerste aanleg - meervoudig
- Rechtspraak.nl
Ongebruikelijke terbeschikkingstelling bij aandelenoverdracht en verhuur onroerende zaak
Eiser en zijn echtgenote brachten hun campingbedrijf in een BV onder, waarbij de onroerende zaken werden verhuurd aan die BV. Zij verkochten vervolgens hun aandelen aan de moeder van eiser, die zich niet met de BV bemoeide. De Belastingdienst stelde dat eiser nog steeds een aanmerkelijk belang had via een stromanconstructie en dat de verhuur een terbeschikkingstelling was.
De rechtbank oordeelde dat onvoldoende bewijs was dat de moeder de aandelen voor rekening van eiser en zijn echtgenote hield, zodat geen sprake was van aanmerkelijk belang. Wel werd vastgesteld dat de huurovereenkomst onzakelijke bepalingen bevatte, zoals een onderhoudsverplichting beperkt tot 50% van de huur en het ontbreken van huurindexatie.
Daarnaast vond de rechtbank dat de overdracht van aandelen en de verhuur een ongebruikelijke rechtstoestand vormden, omdat eiser en zijn echtgenote feitelijk de bedrijfsvoering bleven voeren en de moeder geen invloed uitoefende. Dit leidde tot de conclusie dat de terbeschikkingstellingsregeling van toepassing was.
De beroepen tegen de navorderingsaanslagen en boetes werden ongegrond verklaard. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd. De uitspraak werd gedaan door de rechtbank Arnhem op 20 mei 2010.
Uitkomst: De rechtbank verklaart de beroepen ongegrond en bevestigt de navorderingsaanslagen en boetes wegens een ongebruikelijke terbeschikkingstelling.