ECLI:NL:RBBRE:2006:AZ6202
Rechtbank Breda
- Eerste aanleg - meervoudig
- Rechtspraak.nl
Belastingplicht van in Italië wonende universitair directeur niet gevestigd in Nederland
Een hoogleraar aan een Nederlandse universiteit werd door deze universiteit aangesteld als directeur van een kunsthistorisch instituut in Italië. De vraag was of hij in Nederland belastingplichtig was op grond van de woonplaatsfictie in artikel 2.2, lid 2, Wet IB 2001, of als buitenlands belastingplichtige volgens artikel 7.2, lid 7 van deze wet.
De rechtbank oordeelde dat de woonplaatsfictie niet van toepassing was omdat de belanghebbende niet in dienst was van de Staat der Nederlanden, noch diplomatieke status had, noch uitgezonden was op grond van een verdrag waarbij Nederland partij is. De wetsgeschiedenis bevestigde dat de woonplaatsfictie beperkt is tot personen met volkenrechtelijke immuniteit in de woonstaat.
Subsidiair stelde de inspecteur dat belanghebbende als buitenlands belastingplichtige belast kon worden, maar ook dit werd verworpen omdat hij niet in dienst was van de Staat der Nederlanden. De rechtbank verklaarde het beroep gegrond, vernietigde de aanslagen en bepaalde dat het belastbaar inkomen nihil was. Tevens werden de proceskosten aan belanghebbende toegekend.
Uitkomst: De rechtbank vernietigt de aanslagen en stelt het belastbaar inkomen op nihil omdat belanghebbende niet in Nederland belastingplichtig is.