ECLI:NL:RBBRE:2010:BN2045
Rechtbank Breda
- Eerste aanleg - meervoudig
- C.A.F.M. Stassen
- M.M. de Werd
- G.H.C. Blommers
- Rechtspraak.nl
Toepassing van gecombineerde vrijstellingen energiebelasting bij samenloop in 2006
Belanghebbende, een producent van gietwerk, verzocht om teruggaaf van energiebelasting over 2006. De kern van het geschil betrof de vraag of de vrijstellingen van artikel 36k, derde lid, en artikel 36q van de Wet belastingen op milieugrondslag (Wbm) naast elkaar konden worden toegepast bij samenloop. De inspecteur verwierp dit, stellende dat de vrijstellingen niet cumulatief waren, terwijl belanghebbende dit wel betoogde.
De rechtbank stelde vast dat de wetstekst geen verbod bevat op cumulatie van deze vrijstellingen voor 2006, ook al geldt vanaf 2008 een gewijzigde regeling. Belanghebbende maakte aannemelijk dat het elektriciteitsverbruik verdeeld was over metallurgische en niet-metallurgische processen, waarbij voor het deel dat op metallurgische processen ziet, vrijstelling op grond van artikel 36k lid 3 geldt, en voor het verbruik boven 10 miljoen kWh vrijstelling op grond van artikel 36q.
De rechtbank rekende voor beide vestigingen de verschuldigde energiebelasting uit en concludeerde dat belanghebbende recht heeft op een teruggaaf van €17.232 voor de tweede vestiging en €65.947 voor de hoofdvestiging. De uitspraak op bezwaar werd vernietigd, het beroep gegrond verklaard en de inspecteur werd veroordeeld in de proceskosten.
Uitkomst: Belanghebbende krijgt teruggaaf van energiebelasting toegekend voor 2006 op grond van cumulatieve toepassing van vrijstellingen artikel 36k lid 3 en artikel 36q Wbm.