ECLI:NL:RBBRE:2011:BQ5197
Rechtbank Breda
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Geen ondernemerschap bij vrijwel exclusieve werkzaamheden voor één gemeente
Belanghebbende was tot eind 2005 in loondienst en startte in 2006 een vennootschap onder firma (Vof) na benadering door een gemeente voor een projectmanagementopdracht. Hoewel hij bij de VAR-aanvraag aangaf meer dan zeven opdrachtgevers te hebben, bleek uit onderzoek dat hij feitelijk vrijwel uitsluitend voor één gemeente werkte, met slechts een marginale andere opdracht.
De inspecteur concludeerde dat belanghebbende onvoldoende zelfstandigheid bezat om als ondernemer te worden aangemerkt en corrigeerde de aanslag inkomstenbelasting over 2006. Belanghebbende voerde aan dat hij wel ondernemer was en dat hij op de VAR en eerdere aanslagregeling mocht vertrouwen, maar de rechtbank verwierp dit omdat de verstrekte informatie onjuist was en eerdere aanslagafhandeling per abuis was.
De rechtbank stelde dat voor ondernemerschap zelfstandigheid, meerdere opdrachtgevers en ondernemersrisico vereist zijn. Gezien het feitelijke opdrachtgeversbestand en werkzaamheden was er geen sprake van ondernemerschap. Het beroep werd ongegrond verklaard en er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: Het beroep van belanghebbende tegen de aanslag inkomstenbelasting 2006 wordt ongegrond verklaard omdat geen sprake is van ondernemerschap.