ECLI:NL:RBBRE:2012:BY1113
Rechtbank Breda
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Beoordeling terugwerkende kracht tijdelijke tariefsverlaging overdrachtsbelasting
Belanghebbende heeft beroep ingesteld tegen de beslissing van de inspecteur inzake de overdrachtsbelasting over de aankoop van een woning. De kern van het geschil betreft de ingangsdatum van de tijdelijke tariefsverlaging van 6% naar 2% overdrachtsbelasting, waarbij belanghebbende stelt dat de verlaging met terugwerkende kracht tot maximaal zes weken vóór 1 juli 2011 had moeten gelden.
De rechtbank overweegt dat de wetgever ruime beoordelingsvrijheid heeft bij de vaststelling van de ingangsdatum van fiscale maatregelen en dat de tariefsverlaging met terugwerkende kracht tot en met 15 juni 2011 is vastgesteld op basis van budgettaire motieven en het rechtszekerheidsbeginsel. De uitlatingen van de minister-president tijdens persconferenties en het besluit van de staatssecretaris ondersteunen deze keuze.
Belanghebbendes beroep op schending van de Grondwet, beginselen van behoorlijke wetgeving, het eigendomsrecht en het gelijkheidsbeginsel wordt verworpen. De rechtbank acht de motivering van het besluit voldoende en ziet geen aanleiding om het beroep toe te wijzen. Het beroep wordt ongegrond verklaard en er wordt geen proceskostenveroordeling uitgesproken.
Uitkomst: Het beroep van belanghebbende tegen de vaststelling van het tarief overdrachtsbelasting wordt ongegrond verklaard.