ECLI:NL:RBDHA:2013:12132
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - meervoudig
- Rechtspraak.nl
Teruggeleiding minderjarige na internationale kinderontvoering naar Litouwen
De moeder verzocht de rechtbank om de onmiddellijke terugkeer van haar minderjarige kind naar Litouwen te gelasten, nadat de vader het kind zonder toestemming had meegenomen naar Nederland en niet had teruggebracht.
De vader en het kind verbleven ten tijde van het verzoek in Nederland, waardoor de Nederlandse rechter rechtsmacht heeft. De vader verscheen niet bij de zittingen en zijn advocaat trok zich terug. De rechtbank stelde vast dat sprake was van ongeoorloofde overbrenging in strijd met het gezamenlijk gezag van de ouders volgens het Haagse Verdrag internationale kinderontvoering.
Omdat minder dan een jaar was verstreken sinds de overbrenging, werd onmiddellijke terugkeer gelast. De vader deed geen beroep op weigeringsgronden. De moeder werd gemachtigd de beschikking met inzet van politie en justitie ten uitvoer te leggen. Tevens werd de vader veroordeeld tot vergoeding van de door de moeder gemaakte kosten in verband met de procedure en teruggeleiding.
Uitkomst: De rechtbank gelast de onmiddellijke terugkeer van het kind naar Litouwen en veroordeelt de vader tot vergoeding van de gemaakte kosten.