ECLI:NL:RBDHA:2013:15522
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Vernietiging afwijzing visumaanvraag kort verblijf wegens onvoldoende motivering over reisdoel en terugkeer
Eiseres, een vrouw van Surinaamse nationaliteit, diende een aanvraag in voor een visum voor kort verblijf in Nederland bij haar partner, een Nederlander. De aanvraag werd door verweerder afgewezen omdat eiseres het reisdoel niet aannemelijk zou hebben gemaakt en er twijfel bestond over haar voornemen het grondgebied tijdig te verlaten. Verweerder stelde dat eiseres geen voldoende sociale of economische binding met Suriname had en dat haar intentie om zich permanent in Nederland te vestigen twijfel opriep over haar terugkeer.
Eiseres betoogde dat haar jonge leeftijd en het ontbreken van zorg voor haar ouders niet betekenen dat zij geen sociale binding heeft met Suriname, en verwees naar jurisprudentie die dit ondersteunt. Zij stelde dat zij eerst Nederland wilde leren kennen voordat zij een definitieve beslissing neemt over permanente vestiging. Tevens stelde zij dat zij ten onrechte niet is gehoord, terwijl de motivering van het besluit onduidelijk was.
De rechtbank oordeelde dat verweerder eiseres had moeten horen om te beoordelen of haar intentie tot permanente vestiging betekent dat zij niet aannemelijk zal vertrekken vóór het verstrijken van het visum. Ook was het besluit onvoldoende gemotiveerd over het reisdoel en de terugkeer. De rechtbank verklaarde het beroep gegrond, vernietigde het besluit, en beval een nieuw besluit na hoorzitting. Verweerder werd veroordeeld tot vergoeding van proceskosten en griffierecht.
Uitkomst: Het beroep wordt gegrond verklaard en het besluit tot afwijzing van de visumaanvraag wordt vernietigd.