ECLI:NL:RBDHA:2013:BZ9375
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Aansprakelijkstelling onbezoldigde stichtingbestuurder wegens onbehoorlijke taakvervulling en finale kwijting
De stichting IJshal Leiden vordert betaling van facturen die zijn gefactureerd door Adams, een vennootschap gelieerd aan de penningmeester [T], wegens onbehoorlijke taakvervulling en onrechtmatige daad. De stichting stelt dat zij niet bevoegdelijk werd vertegenwoordigd bij het geven van de opdracht en beroept zich op het statutaire verbod voor bestuurders om betrokken te zijn bij leveringen aan de stichting.
[T] voert verweer met een beroep op verleende finale kwijting en decharge door goedkeuring van de jaarrekening 2007/2008. De rechtbank oordeelt dat het aan [T] is om het bewijs te leveren dat finale kwijting en decharge zijn verleend en dat het voltallige bestuur op de hoogte was van de werkzaamheden en facturering door Adams.
De rechtbank overweegt dat ontheffing van het statutaire verbod op handelen met tegenstrijdig belang mogelijk is bij unanieme instemming van de overige bestuurders. Tevens wordt beoordeeld of de stichting schade heeft geleden en of de vergoeding voor de werkzaamheden redelijk was, gezien de aard en tijdsbesteding.
De rechtbank laat [T] toe tot bewijslevering omtrent finale kwijting, decharge en unanieme instemming van het bestuur en wijst de zaak naar de rol voor nadere bewijslevering en precisering van de schadevordering. Verdere beslissing wordt aangehouden.
Uitkomst: De rechtbank laat de bestuurder toe tot bewijslevering en houdt verdere beslissing aan.