ECLI:NL:RBDHA:2013:CA0996
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- A. van ‘t Laar
- Rechtspraak.nl
Bestuursrechtelijke uitspraak over gezinshereniging en feitelijke gezinsband in nareisprocedure
Eisers, een jongere broer en nicht van referente, vroegen een machtiging tot voorlopig verblijf (mvv) voor gezinshereniging aan, welke door verweerder werd afgewezen. De rechtbank oordeelt dat eiseres feitelijk tot het gezin van referente behoorde ten tijde van haar vertrek uit het land van herkomst, ondanks dat referente slechts kort financieel verantwoordelijk was. De rechtbank hecht meer gewicht aan de feitelijke verzorging en samenwoning in gezinsverband.
Voor eiser blijft twijfel bestaan over zijn leeftijd en daarmee over zijn feitelijke gezinsband met referente. Verweerder baseerde deze twijfel op een schouwing door ambassadepersoneel en vage verklaringen van eiser. De rechtbank acht de schouwing onvoldoende als bewijs en wijst op onzorgvuldigheden in het interview, maar concludeert dat verweerder zich redelijkerwijs op het standpunt kon stellen dat de leeftijd van eiser niet aannemelijk was.
De rechtbank verklaart het beroep gegrond voor eiseres en vernietigt het besluit, met de verplichting voor verweerder om binnen vier weken een nieuw besluit te nemen. Voor eiser blijft het besluit gehandhaafd. Verweerder wordt veroordeeld tot vergoeding van griffierecht en proceskosten aan eisers.
Uitkomst: Beroep gegrond verklaard voor eiseres met vernietiging van het besluit, beroep afgewezen voor eiser met handhaving van het besluit.