ECLI:NL:RBDHA:2013:CA2118
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - meervoudig
- H.F.M. Hofhuis
- J.W. Bockwinkel
- M.J. van Cleef-Metsaars
- Rechtspraak.nl
Nader onderzoek naar integriteit en non-actiefstelling voormalig algemeen directeur COA
De rechtbank Den Haag behandelt twee civiele procedures tussen het Centraal Orgaan opvang asielzoekers (COA) en de voormalig algemeen directeur van het COA. De kern van het geschil betreft de rechtmatigheid van de non-actiefstelling van de directeur en de vraag of het COA dwangsommen heeft verbeurd doordat het haar niet tot het werk toeliet, ondanks een eerder arrest dat dit verplichtte.
De rechtbank constateert dat er aanwijzingen zijn dat de voormalig directeur privégebruik maakte van de dienstauto en chauffeursdiensten, terwijl zij dit tegenover de Minister, de raad van toezicht en de pers ontkende. Onderzoek door Hoffmann Bedrijfsrecherche bracht onder meer aan het licht dat er fake afspraken in haar digitale agenda werden ingepland om privégebruik te maskeren. De voormalig directeur betwist deze bevindingen en stelt dat zij toestemming had voor het privégebruik.
De rechtbank oordeelt dat het COA bewijs mag leveren dat het vertrouwen in de integriteit van de directeur is geschaad en dat de non-actiefstelling gerechtvaardigd was op basis van nieuwe feiten die na het arrest bekend werden. Beide partijen krijgen de gelegenheid bewijs te leveren, onder meer over de verklaringen van de secretaresse en chauffeur, en over de toestemming voor privégebruik van chauffeursdiensten.
De rechtbank houdt verdere beslissingen aan en bepaalt dat getuigenverhoren zullen plaatsvinden. Tevens wordt een parallelle procedure bij de kantonrechter over het kennelijk onredelijk ontslag van de directeur in samenhang behandeld om tegenstrijdige uitspraken te voorkomen.
Uitkomst: De rechtbank gelast nader bewijs en houdt verdere beslissing aan over de rechtmatigheid van de non-actiefstelling en dwangsommen.