ECLI:NL:RBDHA:2013:CA2368
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - meervoudig
- Rechtspraak.nl
Beschikking terugkeer minderjarige in internationale kinderontvoeringszaak
De rechtbank Den Haag behandelde een verzoek tot terugkeer van een minderjarige naar Polen op grond van het Haagse Verdrag inzake internationale kinderontvoering. De minderjarige was zonder toestemming van de vader naar Nederland overgebracht, wat de rechtbank als ongeoorloofd beoordeelde.
De moeder voerde verweer met het beroep op weigeringsgronden uit het Verdrag, waaronder het risico op lichamelijk of geestelijk gevaar en het verzet van het kind. De rechtbank verwierp deze gronden vanwege onvoldoende bewijs en het feit dat het kind niet expliciet tegen terugkeer was.
De rechtbank gelastte de terugkeer uiterlijk 18 mei 2013, waarbij de moeder de minderjarige dient terug te brengen. Tevens werd de moeder veroordeeld tot betaling van €172 aan de vader voor gemaakte kosten. Het verzoek tot toewijzing van proceskosten aan de moeder werd afgewezen.
Uitkomst: De rechtbank gelastte de onmiddellijke terugkeer van de minderjarige naar Polen uiterlijk 18 mei 2013 en veroordeelde de moeder tot betaling van €172 aan de vader.