ECLI:NL:RBDHA:2014:12237
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Toekenning verblijfsrecht aan moeder op grond van Zambrano-arrest wegens zorgafhankelijkheid van kind met Nederlandse nationaliteit
Eiseres, moeder van een in Nederland geboren kind met de Nederlandse nationaliteit, verzocht om een bewijs van rechtmatig verblijf op grond van artikel 20 VWEU Pro en het Zambrano-arrest. De vader, eveneens van Nederlandse nationaliteit maar woonachtig in Suriname, heeft het kind erkend en heeft samen met eiseres het ouderlijk gezag. Echter, de vader heeft nooit met het kind samengewoond, geen zorg- of opvoedingstaken op zich genomen en onderhoudt geen contact.
Verweerder wees het verzoek af omdat de vader volgens hem in staat zou zijn voor het kind te zorgen door terug te keren naar Nederland. Eiseres betoogde dat noch zij noch het kind de vader kunnen dwingen terug te keren, waardoor het kind gedwongen zou zijn de Unie te verlaten bij uitzetting van eiseres.
De rechtbank stelde vast dat eiseres aannemelijk heeft gemaakt dat de vader feitelijk niet voor het kind kan zorgen en dat het kind zodanig afhankelijk is van eiseres dat uitzetting van haar ook het kind dwingt de Unie te verlaten. De weigering tot verblijf is daarmee in strijd met het Zambrano-arrest en artikel 20 VWEU Pro. Het bestreden besluit is vernietigd en verweerder wordt opgedragen een nieuw besluit te nemen binnen zes weken.
Daarnaast werd het verzoek om een voorlopige voorziening afgewezen omdat de rechtbank op het beroep heeft beslist. Verweerder is veroordeeld tot vergoeding van griffierecht en proceskosten aan eiseres.
Uitkomst: De rechtbank vernietigt het bestreden besluit en draagt op binnen zes weken een nieuw besluit te nemen waarbij eiseres verblijf wordt toegekend.