ECLI:NL:RBDHA:2015:13711
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - meervoudig
- D.A.J. Overdijk
- B. Hammer
- F.M.J. den Houdijker
- Rechtspraak.nl
Ontslag politieambtenaar niet onverwijld; werknemer recht op WW-uitkering
Een politieambtenaar werd ontslagen wegens vermeend plichtsverzuim en onrechtmatige toe-eigening van sanctiegelden en een uniformjas. De werkgever startte een intern onderzoek dat ruim zeven maanden duurde, gevolgd door een disciplinaire procedure die traag verliep.
De werknemer vroeg een WW-uitkering aan, die aanvankelijk werd geweigerd omdat hij verwijtbaar werkloos zou zijn. Na bezwaar werd de uitkering toegekend. De werkgever stelde beroep in tegen deze beslissing.
De rechtbank beoordeelde of het ontslag onverwijld was gegeven, zoals vereist volgens artikel 24 WW Pro en artikel 7:678 BW Pro. Uit het procesverloop bleek dat het ontslag pas 4,5 maand na afronding van het interne onderzoek werd geëffectueerd, met onvoldoende voortvarendheid van de werkgever.
De rechtbank concludeerde dat er geen subjectieve dringendheid was voor het ontslag, waardoor de werknemer niet verwijtbaar werkloos werd en recht had op een WW-uitkering. Het beroep van de werkgever werd ongegrond verklaard.
Uitkomst: Het beroep van de werkgever is ongegrond verklaard en de werknemer heeft recht op een WW-uitkering vanaf 13 november 2014.