Verzoeker trad in 2010 in dienst bij Action Nederland B.V. en vervulde een leidinggevende functie. Op 4 september 2015 werd vastgesteld dat verzoeker goederen van de winkel had meegenomen zonder te betalen en personeelskorting aan een kennis had gegeven, hetgeen door camerabeelden en een schriftelijke verklaring werd bevestigd. Action sprak daarop op 9 september 2015 ontslag op staande voet uit en deed aangifte bij de politie.
Verzoeker stelde dat er geen dringende reden was voor ontslag en dat persoonlijke omstandigheden, zoals overbelasting, niet waren meegewogen. De kantonrechter oordeelde dat het fraudebeleid van Action strikt is en dat de gedragingen van verzoeker een dringende reden vormen voor ontslag op staande voet. De stelling van overbelasting werd niet onderbouwd en het feit dat verzoeker een leidinggevende functie had, maakte vergissingen onaanvaardbaar.
Daarnaast verzocht Action voorwaardelijke ontbinding van de arbeidsovereenkomst voor het geval het ontslag op staande voet niet rechtsgeldig zou blijken. De kantonrechter stelde vast dat er een redelijke grond voor ontbinding bestaat wegens ernstig verwijtbaar handelen en een verstoorde arbeidsverhouding, en wees dit verzoek toe.
De verzoeken van verzoeker tot vernietiging van het ontslag en tot doorbetaling van loon werden afgewezen. Verzoeker werd veroordeeld tot betaling van de proceskosten. De beschikking werd uitvoerbaar bij voorraad verklaard.