ECLI:NL:RBDHA:2015:4794
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - meervoudig
- R.C.H.M. Lips
- N. Djebali
- J.P.F. Slijpen
- Rechtspraak.nl
Beoordeling VAR-verklaring voor verpleegkundige in de thuiszorg inzake AWBZ-zorg in natura
Eiseres, werkzaam als verpleegkundige in de thuiszorg, stelde dat zij recht had op een VAR-winst uit onderneming voor haar werkzaamheden in de AWBZ-zorg in natura. Zij voerde aan dat zij zelfstandig ondernemer was en dat de Belastingdienst het vertrouwens- en gelijkheidsbeginsel had geschonden door haar een VAR-loon uit dienstbetrekking toe te kennen.
De rechtbank stelde vast dat eiseres sinds 2007 als zorgverlener in het handelsregister stond ingeschreven en dat zij in 2014 zowel in dienstbetrekking werkte als AWBZ-zorg verleende via een zzp-pilot en via een zorgaanbieder. De zorgaanbieder [BV] was verantwoordelijk voor het zorgplan, de facturering en kwaliteitscontrole, en bepaalde de vergoedingscondities.
De rechtbank oordeelde dat eiseres onvoldoende zelfstandigheid had ten opzichte van de zorgaanbieder, geen ondernemersrisico liep en dat er sprake was van een gezagsverhouding. Hierdoor was sprake van loon uit dienstbetrekking. Het beroep op het vertrouwens- en gelijkheidsbeginsel werd verworpen omdat de beoordeling per jaar moet plaatsvinden en eiseres onvoldoende onderbouwing gaf.
De rechtbank verklaarde het beroep ongegrond en zag geen aanleiding tot proceskostenveroordeling.
Uitkomst: De rechtbank bevestigt dat de verpleegkundige onvoldoende zelfstandigheid bezit en wijst het beroep tegen de VAR-loon uit dienstbetrekking af.