Uitspraak
(Promisvonnis)
[verdachte] ,
De terechtzitting
De tenlastelegging
De geldigheid van de dagvaarding
Bewijsoverwegingen
De loop van het wapen is ingekort (afgezaagd). Het wapen is geschikt om projectielen door een loop af te schieten. De werking van het wapen berust op een natuurkundig proces. Normaliter betreft dit een wapen, vallende onder de categorie 4 onder 4. Het voorhanden hebben van het originele wapen is vrijgesteld voor personen die 18 jaar of ouder zijn. Echter de loop van bovengenoemd wapen is ingekort waardoor het originele luchtdrukwapen dusdanig is gewijzigd dat het dragen niet of minder zichtbaar is. Derhalve is dit voorwerp een wapen in de zin van artikel 2 lid Pro 1, categorie I sub 7 van de Wet wapens en munitie, gelet op artikel 3 onder Pro c van de Regeling wapens en munitie.
Het voorhanden hebben is strafbaar gesteld in artikel 13 lid 1 in Pro verband met artikel 55 lid Pro l van de Wet wapens en munitie.’
ten tweedeRwm betreft uitsluitend wapens die op de lijsten a en b van bijlage I worden genoemd. Uit het enkele feit dat luchtdrukwapens onder
ten derdeapart worden vermeld, volgt al dat zij niet op die bijlage vermeld zullen zijn. Omdat zij op die lijsten dus niet thuishoren, kan de verwijzing naar bijlage I in de tenlastelegging niet op het luchtdrukwapen slaan en aan de strafbaarheid van het voorhanden hebben daarvan niets toe- of afdoen. Deze zinsnede is volgens de politierechter opgenomen in verband met het pistool, dat wel op lijst a van de bijlage wordt vermeld.
De bewezenverklaring
De strafbaarheid van het bewezen verklaarde
handelen in strijd met artikel 13 van Pro de Wet wapens en munitie.
De strafbaarheid van verdachte
De strafoplegging
De toepasselijke wetsartikelen
De beslissing
handelen in strijd met artikel 13 van Pro de Wet wapens en munitie;
een geldboete van € 300;
zes dagen;
zes opeenvolgende maandelijkse termijnenvan € 50 elk;
€ 150, bij gebreke van betaling en verhaal te vervangen door hechtenis voor de duur van
drie dagen, niet zal worden tenuitvoergelegd, zulks onder de algemene voorwaarde, dat de veroordeelde zich voor het eind van de hierbij op twee jaren vastgestelde proeftijd niet schuldig maakt aan een strafbaar feit.