Uitspraak
RECHTBANK DEN HAAG
uitspraak van de enkelvoudige kamer van
[eiseres] ,
de staatssecretaris van Veiligheid en Justitie,
Procesverloop
Beoordeling
family life)dat valt onder de bescherming van artikel 8 van Pro het Verdrag tot bescherming van de rechten van de mens en de fundamentele vrijheden (hierna: EVRM).
more than the normal emotional ties).
additional elements of dependency). Het EHRM heeft dat bijvoorbeeld overwogen in rechtsoverweging 32 van het arrest in de zaak A.W. Khan tegen het Verenigd Koninkrijk van 12 juni 2010 (no. 47486/06). De uitzondering daarop is als sprake is van jongvolwassen, nog thuiswonende kinderen, zoals aan de orde in de zaak Maslov tegen Oostenrijk van 23 juni 2008 (no. 1638/03). In die gevallen wordt in principe aangenomen dat sprake is van beschermenswaardig gezinsleven, net als in het geval van minderjarige kinderen. Als geen sprake is van bijkomende elementen van afhankelijkheid en dus niet van beschermenswaardig gezinsleven, hoeft ook geen belangenafweging te worden gemaakt, omdat dan per definitie geen sprake kan zijn van schending van artikel 8 van Pro het EVRM.
more than normal emotional ties) tussen het meerderjarige kind en diens ouder(s). Ook Werkinstructie 2015/4 is gewijzigd.
family life). Als daarvan geen sprake is, kan de bescherming van artikel 8 van Pro het EVRM niet worden ingeroepen en hoeft geen belangenafweging plaats te vinden.
.
Beslissing
- verklaart het beroep gegrond;
- vernietigt het besluit van 22 december 2016;
- draagt verweerder op een nieuw besluit te nemen op het bezwaar met inachtneming van deze uitspraak;
- gelast dat verweerder het door eiseres en referent betaalde griffierecht van € 186 vergoedt;
- veroordeelt verweerder in de proceskosten van eiseres en referent ten bedrage van € 990.