ECLI:NL:RBDHA:2017:12997
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing asielaanvraag Iraanse vreemdeling wegens onvoldoende geloofwaardigheid
Eiser, van Iraanse nationaliteit, verzocht om een verblijfsvergunning asiel die door de staatssecretaris werd afgewezen. De rechtbank beoordeelde het beroep tegen deze afwijzing. Eiser stelde dat hij in Iran vervolgd werd vanwege een kritische toespraak, zijn betrokkenheid bij een huiskerk, zijn Yarsan-geloof en zijn bekering tot het christendom.
De rechtbank oordeelde dat de staatssecretaris de identiteit en enkele feiten aannemelijk had geacht, maar de geloofwaardigheid van belangrijke elementen zoals de huiskerkactiviteiten, Yarsan-afkomst, mishandeling en bekering terecht niet aannam. Het door eiser overgelegde document over een veroordeling werd niet als origineel erkend. De commissie Plaisier vond de bekering geloofwaardig, maar de staatssecretaris mocht deze beoordeling naast zijn eigen integrale geloofwaardering stellen.
Daarnaast faalde eiser in het aannemelijk maken dat hij gevaar loopt bij terugkeer wegens illegale uitreis en asielaanvraag. Gelet op deze overwegingen verklaarde de rechtbank het beroep ongegrond en wees de aanvraag af. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: Het beroep tegen de afwijzing van de verblijfsvergunning asiel is ongegrond verklaard.