Eiser, een landbouwbedrijf met schapen en geiten, kreeg bestuurlijke boetes opgelegd wegens overschrijding van de gebruiksnormen voor dierlijke meststoffen in 2013 en 2014. Verweerder stelde de boetes vast op basis van gegevens uit het I&R-systeem, omdat eiser geen volledige administratie kon overleggen.
Eiser voerde aan dat de diercategorie-indeling onjuist was en dat de derogatie ten onrechte verviel. De rechtbank oordeelde dat de gehanteerde tellingen en categorieën correct waren en dat de derogatie terecht was vervallen vanwege overschrijding van de normen en onvolledige administratie.
Verder wees de rechtbank het verzoek om vergoeding van bezwaarkosten af wegens niet-tijdig indienen en verwierp het verzoek tot verdere matiging op grond van financiële draagkracht. Wel werd een extra matiging van 5% toegepast wegens overschrijding van de redelijke termijn, waardoor de boetes werden vastgesteld op €11.759,67 voor 2013 en €2.229,41 voor 2014.
De rechtbank verklaarde de beroepen gegrond, vernietigde de bestreden besluiten en herroept de primaire besluiten. Tevens werden proceskosten van €990,- aan eiser toegekend en griffierechten van €666,- vergoed.