Uitspraak
RECHTBANK DEN HAAG
uitspraak van de enkelvoudige kamer van 5 september 2018 in de zaak tussen
[eiser], te [plaats], eiser
Procesverloop
Overwegingen
wikkelaar transformatorenuit te oefenen.
Rechtbank Den Haag
Eiser, een bijstandsgerechtigde met een forse hernia, vroeg de Indicatie banenafspraak aan via de gemeente Gouda. Verweerder weigerde deze toe te kennen omdat eiser volgens verzekeringsartsen en arbeidsdeskundigen in staat wordt geacht het wettelijk minimumloon te verdienen door licht productiewerk, zoals wikkelaar transformatoren, uit te voeren.
Eiser betwistte deze beoordeling en verwees naar een medisch belastbaarheidsonderzoek dat een structurele urenbeperking van maximaal 15 uur per week aannam. De rechtbank oordeelde dat de verzekeringsartsen hun rapportages zorgvuldig hadden opgesteld en dat de medische informatie van eiser onvoldoende onderbouwde dat hij meer beperkt is dan vastgesteld.
De rechtbank volgde de conclusies van de verzekeringsarts b&b en arbeidsdeskundige b&b dat eiser geen structurele urenbeperking heeft en geschikt is voor rugsparend licht werk. De rechtbank stelde vast dat de drempelfunctie wikkelaar transformatoren passend is en dat eiser terecht niet in aanmerking komt voor de Indicatie banenafspraak.
Het beroep werd ongegrond verklaard en er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd. De uitspraak werd gedaan door rechter M.M. Meessen op 5 september 2018.
Uitkomst: Het beroep van eiser wordt ongegrond verklaard omdat hij in staat wordt geacht het wettelijk minimumloon te verdienen.