ECLI:NL:RBDHA:2018:13363
Rechtbank Den Haag
- Voorlopige voorziening+bodemzaak
- Rechtspraak.nl
Beroep tegen weigering asielaanvraag op grond van Dublinverordening en medische omstandigheden
Eiser, een Liberiaanse asielzoeker, heeft beroep ingesteld tegen het besluit van de Staatssecretaris van Justitie en Veiligheid om zijn asielaanvraag niet in behandeling te nemen omdat Italië verantwoordelijk is op grond van de Dublinverordening. Eiser stelde dat vanwege zijn suïcidaliteit en kwetsbaarheid, zoals erkend in het Tarakhel-arrest, aanvullende garanties hadden moeten worden gevraagd en dat de opvangvoorzieningen in Italië onvoldoende zijn.
De rechtbank heeft het medisch advies van het Bureau Medische Advisering (BMA) betrokken, dat concludeerde dat eiser in staat is om te reizen met begeleiding door een psychiatrisch verpleegkundige en dat noodzakelijke behandeling ook in Liberia toegankelijk is. De rechtbank vond het advies zorgvuldig en voldoende, ondanks bezwaren van eiser over de beoordeling van de situatie in Italië.
De rechtbank oordeelt dat het interstatelijk vertrouwensbeginsel ten aanzien van Italië nog steeds geldt en dat eiser onvoldoende aannemelijk heeft gemaakt dat de opvangvoorzieningen in Italië ontoereikend zijn voor zijn medische situatie. De toezegging van verweerder om medische gegevens te delen en overdracht te schorsen bij onvoldoende opvang werd meegewogen.
Daarom ziet de rechtbank geen reden om het bestreden besluit te vernietigen of aanvullende garanties te eisen. Het beroep wordt ongegrond verklaard en er wordt geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: Het beroep tegen de weigering van de asielaanvraag wordt ongegrond verklaard en de overdracht aan Italië bevestigd.