Uitspraak
RECHTBANK DEN HAAG
[de Notaris],
1.De procedure
- de dagvaarding van 29 maart 2017, met producties 1 tot en met 20;
- de conclusie van antwoord, met producties 1 tot en met 8;
- het tussenvonnis van 12 juli 2017, waarbij een comparitie van partijen is bevolen;
- het proces-verbaal van comparitie van 8 januari 2018 en de daarin genoemde stukken;
2.De feiten
- i) [B Jr.] drie appartementen van [BV I] zou afnemen tegen een koopsom van € 303.000,- en een aanneemsom van € 454.449,10;
- ii) [A Sr.] . de winkelruimte van [BV I] zou afnemen tegen een koopsom van € 232.500,- en een aanneemsom van € 347.263,42;
- iii) [eiseres] negen appartementen van [BV I] zou afnemen tegen een aanneemsom van € 1.635.067,10;
de termijnen van de aanneemsom zijn de volgende:
- een gedeelte van de overeengekomen aanneemsom [van € 1.385.067,00] zal betaald worden in één bedrag bij oplevering van de desbetreffende woningen, parkeerplaatsen en bergingen.
- (...)
Algemeen Dagbladen in het veilingboekje van “Veiling Vendu Notarishuis”.
3.Het geschil
- I) voor recht verklaart dat de Notaris c.s., jegens [eiseres] onrechtmatig heeft gehandeld;
- II) de Notaris c.s. te veroordelen tot vergoeding van alle door [eiseres] geleden schade, nader op te maken bij staat;
4.De beoordeling
€ 904,- (2,0 punt x tarief € 452,-),-