ECLI:NL:RBDHA:2018:4489
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing aanvraag machtiging voorlopig verblijf wegens vervalste ongehuwdverklaring
Eiseres, Venezolaanse nationaliteit, verzocht om een machtiging tot voorlopig verblijf bij haar Nederlandse referent. De aanvraag werd afgewezen omdat de overgelegde ongehuwdverklaring door Bureau Documenten als vervalst werd beoordeeld. Eiseres betwistte dit, maar leverde geen contra-expertise.
De rechtbank oordeelde dat de conclusie van vervalsing op een toereikende grondslag berust en dat de nieuwe ongehuwdverklaring, ingediend in beroep, niet ex tunc betrokken kan worden. Tevens werd geoordeeld dat de belangenafweging in het kader van artikel 8 EVRM Pro en artikel 20 VWEU Pro zorgvuldig is gemaakt en geen schending van rechten oplevert.
Ook het standpunt dat verweerder ten onrechte geen gebruik maakte van discretionaire bevoegdheid en dat eiseres niet is gehoord, werd verworpen. Het beroep werd daarom ongegrond verklaard.
Uitkomst: Het beroep tegen de afwijzing van de machtiging tot voorlopig verblijf wordt ongegrond verklaard wegens vervalste ongehuwdverklaring en onvoldoende bewijs.