Uitspraak
RECHTBANK DEN HAAG
uitspraak van de enkelvoudige kamer in de zaak tussen
[eiser] , eiser
de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid, verweerder
ProcesverloopBij afzonderlijke besluiten van 4 november 2019 (de bestreden besluiten) heeft verweerder de aanvragen van eisers tot het verlenen van een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd in de algemene procedure niet-ontvankelijk verklaard.
Overwegingen
1.1 Op 17 augustus 2018 hebben eisers in Nederland een asielaanvraag ingediend. Bij afzonderlijke besluiten van 28 september 2018 heeft verweerder deze aanvragen op grond van artikel 30a, eerste lid, aanhef en onder a, Vreemdelingenwet 2000 (Vw) niet-ontvankelijk verklaard. Tegen deze besluiten hebben eisers beroep ingesteld. Bij uitspraak van 13 november 2018 (NL18.17843 en NL18.1745) heeft deze rechtbank, zittingsplaats Middelburg, de beroepen ongegrond verklaard. Eisers hebben tegen deze uitspraak hoger beroep ingesteld. Bij uitspraak van 29 november 2018 heeft de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State (de Afdeling) het hoger beroep ongegrond verklaard en de aangevallen uitspraak bevestigd.