Uitspraak
Rechtbank DEN HAAG
1.Het onderzoek ter terechtzitting
2.De tenlastelegging
3.Bewijsoverwegingen
net even naar iemand anders bij [plaats ] die had drie van die (…) weet je wel bonnen”. Op 25 augustus 2017 belt [verdachte] met het telefoonnummer van [naam 33] . Tijdens het overgaan van de telefoon is op de achtergrond een gesprek tussen [verdachte] en [naam 34] te horen. [verdachte] zegt: “
Want het beste is eigenlijk het kenteken, als ze iets op naam hebben staan weet je. Kans dat ze helemaal in het systeem staan.” En “
Dit is [bijnaam] toch, die zou ook nog 4 of 5 krijgen.” [26] Op 26 augustus 2017 stuurt [verdachte] het volgende sms-bericht naar [naam 33] : “
Hahahahah Hoelaat kom je dingen ophalen Hahahah (emoticons) heb ze Maarja btr niet op sms”. [27] In een tapgesprek op 13 september 2017 om 12.31 uur zegt [verdachte] tegen zijn moeder: “
Mag ik je zo terugbellen, want iemand is effe wat voor mij aan het opschrijven uit mijn telefoon.” [28] In een tapgesprek van diezelfde dag om 16.24 uur antwoordt [verdachte] op de vraag van [naam 33] of hij nu langs zal rijden: “
Hij is al geweest man. Hij heeft iemand gestuurd.” [29]
4.De strafbaarheid van het bewezenverklaarde
5.De strafbaarheid van de verdachte
6.De strafoplegging
7.De toepasselijke wetsartikelen
8.De beslissing
20 (twintig) MAANDEN;